Raak jij ook uitgekeken op Twitter?

Nederlander raakt uitgekeken op Twitter‘, kopte Emerce vorige week. We sturen met z’n allen stukken minder tweets dan vorig jaar, zo blijkt uit onderzoek van het Telecompaper Consumer Panel. En eigenlijk verbaast dat me niet, ik ervaar het zelf ook.

Ik kijk steeds minder vaak op Twitter, het is de laatste app die ik ‘s ochtends open. En ik plaats ook steeds minder vaak een tweet. Facebook en Instagram zijn momenteel het populairst in mijn boekje. En hoewel Twitter de laatste maanden steeds meer inspeelt op de visuele trend, lijkt het er toch op dat het gebruik afneemt. Raken we dan echt uitgekeken op Twitter? En zoja, hoe komt dat?

Misschien is de hype eraf

Het gebruik van Twitter explodeerde eind jaren ’00 en begin jaren ’10. Iedereen die ook maar enigszins geïnteresseerd was in digitaal communiceren, had een account. Het verkrijgen van grote hoeveelheden volgers was in die tijd peanuts. Zoek je eigen niche, publiceer, vertel iets nieuws, vertel iets anders en ga het gesprek aan. Je kon al honderden volgers verkrijgen als je gewoon al het vakgerelateerd nieuws en alle content uit de branche verzamelde en met regelmaat tweette. Het nieuws duiden en je eigen mening geven, dat was niet eens nodig. Je was in feite een veredelde RSS-feed, en daarmee een expert.

Op Twitter vond je als eerste het nieuws, alles was #brekend. Tegenwoordig is die snelheid eigenlijk heel gewoon geworden. En tegenwoordig zijn er zoveel twitteraars (of mag ik nog tweeps zeggen?) dat het steeds moeilijker wordt om nog iets nieuws of anders te melden. Om voor je gevoel nog iets toe te voegen. En er zijn ook zoveel leuke nieuwere sociale netwerken, neem Instagram en Pinterest. Veel spannender, toch? Misschien is de nieuwigheid er na 8 jaar gewoon vanaf?

Misschien is Twitter te zakelijk geworden

30% van de Nederlandse bedrijven is actief op Twitter, las ik laatst. Internationaal ligt dat op 10%. En 30% klinkt misschien weinig, maar al dat corporate geweld zorgt er ook voor dat mensen Twitter steeds meer gaan gebruiken om in contact te treden met die bedrijven. Om aanbiedingen te ontvangen, om te klagen, voor servicevragen. Want Twitter is zo snel, dus wie belt of mailt er nog?

twittergeldAls ik vroeger (lees; in 2011) een training gaf over het gebruik van Twitter, argumenteerden de sceptici vaak: “Ja, maar Twitter is niks voor mij, want ik ben helemaal niet geïnteresseerd in de relatieperikelen van mijn collega’s, of dat de buurvrouw de boontjes aan het doppen is.” In vroegere jaren werd Twitter zowel privé als zakelijk gebruikt, misschien zelfs wel meer persoonlijk. Je vertelde wat je deed, waar je was, met wie en doorspekte dat met irrelevante hashtags.

De laatste tijd merk ik een duidelijke verschuiving naar de zakelijke kant. Mensen twitteren om zichzelf in de markt te zetten als experts, om in contact te blijven met vakgenoten, te laten zien waar ze mee bezig zijn. Om bezoekers naar hun website of blog te lokken. Om klanten te krijgen, een baan te vinden. Mensen onderhouden er hun persoonlijke brand en zijn daardoor terughoudender in het persoonlijke aspect. Esther Settels, mijn ex-collega van Frankwatching, vertelde me: “In het begin deelde ik op Twitter naast nieuws en algemene dingen ook persoonlijke zaken, maar dat hou ik nu voor mezelf. Of ik plaats het op Facebook of Instagram.”

Misschien is Twitter te ‘open’

En daar zit ook een angel; Twitter is ongelofelijk open en publiek. Natuurlijk kun je je berichten ‘achter een slotje’ zetten, maar dan mis je de kracht van het medium. Juist dat publieke karakter is wat Twitter groot heeft gemaakt. De twitterchats als Blogpraat en de behulpzaamheid van medetwitteraars via o.a. #durftevragen. Het kunnen volgen van wie je maar wil, het direct praten met de Minister-President en een reactie krijgen van je grote idool. Op Twitter kan het allemaal.

Maar de laatste tijd zie je een verschuiving van ‘alles open delen’ naar ‘nee dankje, ik kies zelf wel met wie ik wat deel’. “Mensen zijn het open communiceren zat”, schreef Ivo Keizers onlangs op Adformatie. Google+ is daar slim ingesprongen met haar kringen. En ook op Facebook kun je (als je je best doet – en het wordt steeds makkelijker – ) je berichten redelijk privé houden en richten op een kleinere groep mensen. Instagram is in feite ook open, maar ‘voelt’ voor velen toch persoonlijker. Minder volgers, intiemer en minder massaal. Al kun je ook daar duizenden volgers krijgen als je een goed je best doet. Er zijn zelfs sociale netwerken, zoals Path, die een maximum aantal contacten toestaan. Het lijkt erop dat juist het open karakter van Twitter er voor zorgt dat we minder open worden of zijn in wat we delen.

Misschien is het gebrek aan filter de boosdoener

Zeg nou zelf, als je 600 mensen en 50 bedrijven volgt, dan is het toch onmogelijk om alle berichten die zij delen te lezen? Het is werkelijk een kippenhok. Niet dat ook maar iemand de ambitie heeft om alles te willen lezen. Maar ik vraag je; als je toch niet alles leest of wil lezen, hoe bepaal je dan wat je wel wil lezen? En waarom volg je al die mensen en bedrijven als je toch niet wil weten wat ze delen? Behalve de lijsten waarin je je contacten kunt ordenen, biedt Twitter je helemaal geen filtermogelijkheden in je ‘gewone’ stream.

Hoewel menigeen steevast zeurt over het filtermechanisme van Facebook (“Facebook, geef me mijn nieuwsoverzicht terug!!”), zorgt die filter er juist voor dat de hoeveelheid content die je krijgt voorgeschoteld behapbaar is. Je krijgt alleen de voor jou belangrijkste, populairste berichten te zien, en dat maakt het stukken overzichtelijker. Maar aan de andere kant is Facebook door die filter ook weer log en langzaam. Soms zie je berichten van een aantal dagen geleden. En wat er zojuist gepost is, dat zie je juist weer niet. Twitter is steevast stukken sneller. Als je gauw reacties wil, dan blijft de microblog vooralsnog toch the place to go.

Misschien voelen we ons beperkt door die 140 tekens

Als er een ding op Twitter ongewijzigd is gebleven, dan is het het maximale aantal tekens dat je voor een bericht tot je beschikking hebt. En die ruimte van 140 tekens is zo ‘vol’. De beperking maakt het medium perfect voor het delen (of retweeten) van linkjes om traffic naar je website te krijgen, maar Twitter leent zich er daardoor niet voor om echt te diepte in te gaan. Dat doe je elders; op of onder je blog, op Facebook, op Google+ of gewoon in een 1-op-1 chatgesprek. Misschien zorgen die 140 tekens er wel voor dat het allemaal een beetje aan de oppervlakte blijft. Dat er geen ruimte is voor emoties, voor gevoel, voor (mede)menselijkheid. Het kost – zeker in gevoelige situaties – ook verdomd veel moeite om je tweets zo te formuleren dat de ander niet gekwetst wordt of je verkeerd begrijpt. Misschien ‘voelen’ we ons daarom letterlijk beperkt op Twitter.

Misschien zijn we gewoon een beetje socialmediamoe

Als specialist op het vlak van online communicatie voelde ik me altijd verplicht om regelmatig van me te laten horen via Twitter. Het voelde alsof ik ‘mee moest doen’. Alsof ik wel móest publiceren en moest delen. Alsof ik constant moest laten zien waar ik mee bezig was en waar ik veel vanaf weet. Immers; als je niks boeiends te melden hebt, dan ben je in feite niks waard. Dat gevoel van constant te moeten of willen delen, zorgde voor een enorme druk. En zeker als iedereen om je heen ook constant maar laat zien wat hij waard is, ligt de lat steeds hoger voor jezelf. Gelukkig raak ik dat gevoel een beetje kwijt. Ik post steeds minder, ik hoef niet meer zo nodig. Als dat betekent dat mijn volgers weglopen, so be it. Een heerlijk verlossend gevoel.

En eigenlijk geldt dit niet alleen voor Twitter, maar voor alle social media. Er wordt veel geschreven over het fenomeen socialmediamoeheid. Zo meent cultuurpsycholoog Léon van Gulik dat er op een gegeven moment een verzadigingspunt aanbreekt: “Je hebt er even aan gesnuffeld, je hebt het uitgeprobeerd, en dan denk je: nu is het mooi geweest.” Misschien willen we weer terug naar echte contacten, naar elkaar echt ontmoeten. Misschien komt het omdat iedereen zich zo mooi voordoet online, alleen het beste wil laten zien. Echt belangrijke zaken die ons persoonlijk bezighouden, vertellen we alleen in real life gesprekken of via persoonlijke media als e-mail en Whatsapp.

Misschien ook niet

Maar is dat allemaal nou echt zo erg? Misschien gaan we Twitter gewoon anders gebruiken, wordt het kaf van het koren gescheiden en is het geen ramp dat het een steeds zakelijkere en serieuzere plek wordt. Een plek waar we met vakgenoten in contact treden, af en toe onze mening geven, praten met bedrijven, laten zien wat we in huis hebben en op de hoogte blijven van het laatste nieuws.  Misschien maakt het helemaal niet uit dat we meer voor kwaliteit gaan dan voor kwantiteit. En dat mensen die vooral persoonlijke informatie willen delen hun weg vinden naar andere netwerken. Misschien vergroot dat de waarde van het medium Twitter juist wel?

Ik ben erg benieuwd naar jouw mening; voegt Twitter voor jou nog steeds iets toe? En gebruik je het nu nog steeds op de zelfde manier en even intensief als een tijd geleden? Of ben jij stiekem ook een beetje uitgekeken? Laat het me weten in een reactie hieronder. Of doe eens gek, stuur me een tweet.

Update: na het plaatsen van deze blog, maakte Twitter bekend dat het gebruik wereldwijd is toegenomen. Het sociale netwerk heeft momenteel 271 miljoen actieve gebruikers. Ook de activiteit ligt hoger, het aantal keren dat Twitter-gebruikers hun tijdlijn raadplegen steeg. Afgelopen kwartaal keken gebruikers 173 miljard keer naar hun Twitter-tijdlijn, een stijging van 15 procent. De vraag is of deze cijfers het onderzoek van Telecompaper Consumer Panel tegenspreken, of dat Nederlanders simpelweg een uitzondering zijn op de regel. We gaan het zien.

Bron foto boven deze post: Flickr – Andreas Eldh

Pin It